whisky of whiskey?

Wel, ze zijn allebei juist, ondanks sommige verhitte discussies hieromtrent. De Schotten spellen het whisky, terwijl de Ieren whiskey schrijven met een extra ‘e’. Dit verschil wordt verklaard door de vertaling uit de Schotse en Ierse versies van het Gaelic dialect.

Ook wanneer verwezen wordt naar Amerikaanse whiskey’s wordt deze met een extra ‘e’ geschreven, omdat het de Ierse immigranten waren die hun whiskey in de 17e eeuw in Amerika introduceerden.

De Schotten, Ieren en Amerikanen hebben allemaal een rijke (en rijpe) geschiedenis in de whisky-industrie. Toch zijn er wezenlijke verschillen.

Het distilleerproces
Schotse en Amerikaanse whisky’s worden normaliter twee keer gedistilleerd, terwijl Ierse drie keer gedistilleerd wordt (op enkele uitzonderingen na). Door drie distillaties krijg je een lichtere en zachtere whisky.

De distilleervaten of ‘stills’
De stills hebben een ander formaat en andere vorm. In Ierland en grote delen van de States, worden pot stills gebruikt – grote, korte, brede vaten met een ronde basis die zachtere whisky’s produceren. In Schotland worden verschillende formaten en vormen van stills gebruikt, waardoor er een grotere variëteit aan smaken ontstaat.

Het gebruik van turf
Vooral in Schotland is het gebruik van turf – de zogenaamde peat – zeer gangbaar bij het drogen van de gerst. Het type turf alsook de duurtijd van het drogen van de gerst bepaald in belangrijke mate de smaak van de spirit. Daardoor hebben vele Schotse whisky’s een traditionele rokerigheid. In Ierland en Amerika word
t voornamelijk hout of gas gebruikt bij het drogen van de gerst, waardoor de whisky’s zachter zijn van smaak. Uiteraard zijn ook hier uitzonderingen. Connemara is een rokerige Ierse whisky, omdat ook hier turf wordt gebruikt tijdens het mouten.

Het gebruik van graan
Terwijl de producenten in Schotland voornamelijk gerst gebruiken om te mouten, is dat niet het geval in Ierland of de States. Gerst aankopen was duur en werd daarom in Ierland dikwijls gemengd met andere graansoorten. Deze grain whiskey werd veelvuldig gebruikt (nu nog) om blends te maken.

De Amerikanen waren dan weer gebonden aan andere klimatologische omstandigheden tijdens het ontstaan van hun whisky. Zij mengden dikwijls verschillende granen, afhankelijk van wat voorhanden was. Zo kwamen de Amerikanen tot andere recepturen voor hun whiskey, die weinig uitstaans heeft met de traditionelere Schotse of Ierse whisky’s.

De distilleerderijen
De oudste distilleerderij is de Ierse Bushmills, die haar productie opstarte in 1608. De eerste in Schotland, opgestarte in 1772, was Littlemill, die ondertussen niet meer bestaat. Glenturret is momenteel de oudste operationele, sinds 1775. Terwijl Schotland zo’n 80 distilleerderijen heeft, zijn dat er in Ierland slechts… drie! Die drie zijn het resultaat van de samensmelting van enkele kleine distilleerderijen. Ze houden vast aan de oude recepten en het productieproces van de originele distilleerderijen. Het zijn Bushmills, Midleton (waar Jameson’s, Powers, Paddy, Tullamore Dew en Midleton worden gemaakt) en Cooley (bekend van Connemara, Kilbeggan, Locke’s en Tyrconnell).

De eerste Amerikaanse distilleerderijen ontstonden in Bourbon County, Kentucky. Hoewel er vandaag nog maar zeven actief zijn in Kentucky (Bernheim, Buffalo Trace, Four Roses, Jim Beam, Maker’s Mark, Wild Turkey en Woodward Reserve), is geen enkele nog te vinden in Bourbon County.

De andere meest productieve Amerikaanse distilleerderijen zijn actief in de naburige staat Tennessee, hoewel daar slechts twee operationeel zijn: George Dickel en Jack Daniels.

bijdrage van Mark Dermul

 
Wij zijn voor verstandig drankgebruik. Geniet, maar drink met mate!